In 2019 ging een eerste wetenschappelijk onderzoek i.s.m. de UGent (prof. H. Van Keer en prof. dr. M. Valcke) van start. Dit onderzoek bestond uit een enquête rond schoolmotivatie bij zowel de TAJO-jongeren als hun medeleerlingen uit 6 basisscholen in Sint-Amandsberg. Aanvullend werden er individuele interviews afgenomen met de TAJO-jongeren.
Daarnaast zijn we gestart met een nulmeting in september 2019. Sindsdien namen we de enquête tweemaal per schooljaar af om relevante conclusies te kunnen trekken over schoolmotivatie in functie van TAJO. Elk schooljaar werkte een masterstudent of doctoraatsstudent via dezelfde methodologie hierop. In 2020 is ook in Kortrijk een eerste nulmeting afgenomen. De resultaten toonden het volgende aan:
TAJO-jongeren behoren tot de meest kwetsbare groep
Jongeren die deelnemen aan de TAJO-activiteiten behoren tot de meest risicovolle groep. Zij volgen onderwijs in Gentse of Kortrijkse scholen waar 27,2% tot 71,36% van de jongeren waarbij de thuistaal verschillend is van het Nederlands.
TAJO pakt de daling in motivatie aan
Het Vlaamse onderwijs kent een steeds grotere daling in school-motivatie. TAJO versterkt met de talentateliers de motivatie voor leren, onderwijs en het maken van toekomstplannen. In een flankerend TAJO evaluatieonderzoek bekeken we of er een impact is op de daling in schoolmotivatie. Normaal gezien verwachten we een daling in motivatie maar de analyse-resultaten tonen een stagnatie aan. De autonome motivatie van TAJO-leerlingen daalt dus niet, waar dit wel gebeurt bij de niet-TAJO- leerlingen. M.a.w. de TAJO-werking compenseert de significante daling van autonome motivatie.
Compensatie voor het negatieve effect van thuistaal verschillend van het Nederlands
Wanneer de thuistaal verschillend is van het Nederlands, vergroot de kans op taalachterstand. Dit heeft op zijn beurt weer een grote negatieve impact op de leerprestaties en motivatie. De analyses tonen aan hoe alle
leerlingen (ook deze die Nederlands als moedertaal hebben) een daling ervaren in hun autonome motivatie. Die daling is echter niet significant groter bij de TAJO-leerlingen. We kunnen dus stellen dat TAJO-leerlingen, waarbij de thuistaal anders is dan het Nederlands (83%), door de intense zaterdag-werking een positief effect ervaren dat compenseert voor hun taalachterstand.